OUDER-AMSTEL – De gemeente Ouder-Amstel zet een belangrijke stap richting de toekomst met het nieuwe beleidsplan Sociaal Domein 2026-2030, dat op 28 mei door de gemeenteraad is vastgesteld. Daarmee is niet alleen een lang traject afgerond, maar begint vooral een nieuwe periode waarin gemeente, maatschappelijke organisaties en inwoners samenwerken aan een sterke en sociale gemeenschap.
Meer dan een jaar lang is gewerkt aan het plan. Daarbij is uitgebreid gesproken met inwoners, professionals en organisaties uit onder meer zorg, welzijn en onderwijs. Hun ervaringen, ideeën en kritische opmerkingen zijn meegenomen in de totstandkoming van het beleid. Volgens de gemeente heeft die gezamenlijke aanpak ervoor gezorgd dat er nu een breed gedragen plan ligt dat aansluit bij de dagelijkse praktijk. Voor inwoners moet het beleid vooral merkbaar worden in het dagelijks leven. De gemeente wil verschillende vormen van ondersteuning beter op elkaar laten aansluiten. Hierdoor hoeven inwoners minder vaak bij meerdere loketten aan te kloppen voor hulp op het gebied van bijvoorbeeld zorg, werk, jeugd of welzijn.
Ook wordt sterk ingezet op het voorkomen van problemen. Door signalen eerder op te vangen en ondersteuning sneller en makkelijker beschikbaar te maken, wil de gemeente voorkomen dat problemen groter worden. Tegelijkertijd blijft er ruimte voor maatwerk. De behoeften in Ouderkerk aan de Amstel kunnen immers anders zijn dan in Duivendrecht of in nieuwe woonwijken. Het plan biedt daarom voldoende flexibiliteit om per kern passende oplossingen te ontwikkelen. Omdat Ouder-Amstel de komende jaren verder groeit, wil de gemeente ook sneller kunnen inspelen op nieuwe ontwikkelingen. Meer woningen betekenen nieuwe inwoners en nieuwe hulpvragen. Daarom wordt ingezet op een flexibele manier van werken, waarbij samenwerking tussen organisaties centraal staat en professionals meer ruimte krijgen om passende oplossingen te bieden.
De gemeente benadrukt dat een sterke samenleving niet alleen door de overheid wordt gevormd. Vrijwilligers, buurtbewoners, verenigingen en maatschappelijke organisaties spelen daarin een belangrijke rol. Het nieuwe beleidsplan moet de basis vormen voor een gemeente waarin iedereen mee kan doen en zich betrokken voelt.
Een belangrijke vraag is hoe straks wordt vastgesteld of het plan daadwerkelijk effect heeft. Volgens Marieke van Veen, medewerker Communicatie van de gemeente Ouder-Amstel, wordt daarbij zowel gekeken naar harde cijfers als naar de ervaringen van inwoners. De gemeente volgt onder meer wachttijden, het bereik van hulpverlening en de resultaten daarvan. Daarbij wordt gekeken of bijvoorbeeld schulden afnemen en of er minder zware vormen van jeugdzorg nodig zijn. Daarnaast worden inwoners gevraagd hoe zij de ondersteuning ervaren en of zij zich voldoende geholpen voelen. Ook wordt onderzocht of problemen eerder worden gesignaleerd en voorkomen en of betere samenwerking tussen organisaties leidt tot minder inzet van zware zorg. De gemeenteraad stelt hiervoor meetpunten vast en controleert de resultaten, terwijl het college daar regelmatig verslag van doet.
Een andere vraag is wat er gebeurt wanneer er onvoldoende geld beschikbaar blijkt om alle plannen uit te voeren. Van Veen legt uit dat de gemeenteraad uiteindelijk bepaalt hoeveel budget beschikbaar is. Als het beschikbare geld niet voldoende blijkt, maakt het college binnen die financiële kaders keuzes en legt die opnieuw voor aan de raad. Daarbij krijgen wettelijke taken, zoals jeugdzorg, de Wmo en participatie, altijd voorrang. Ook kwetsbare inwoners blijven prioriteit houden. Daarnaast wil de gemeente blijven investeren in preventie die aantoonbaar werkt en wordt gekozen voor maatregelen die het grootste effect hebben. Het kan daardoor voorkomen dat sommige plannen later worden uitgevoerd of worden aangepast. Volgens de gemeente gebeurt dat altijd open en transparant, waarna de raad de definitieve keuzes maakt.
Ook wil de gemeente voorkomen dat alleen de bekende groep inwoners mee kan praten over het beleid. Daarom wordt actief gezocht naar manieren om ook jongeren, mantelzorgers, mensen met een beperking en inwoners die minder snel hun mening geven te betrekken. Dat gebeurt onder meer via scholen, jongerenwerk, welzijnsorganisaties en zorgaanbieders. Daarnaast maakt de gemeente gebruik van lokale netwerken en sleutelfiguren binnen de verschillende dorpen. Er wordt gekozen voor laagdrempelige manieren van participatie, zoals gesprekken in de wijk en signalen die worden opgehaald via professionals die dicht bij inwoners staan. Ook wordt zoveel mogelijk aangesloten bij bestaande overleggroepen, cliëntenraden en lokale initiatieven, zodat deelname eenvoudig en toegankelijk blijft.
Met het nieuwe beleidsplan ligt er volgens de gemeente een stevige basis voor de komende jaren. De echte uitdaging begint nu: het plan omzetten in concrete resultaten die inwoners daadwerkelijk merken in hun dagelijks leven. Daarmee is het beleidsplan niet het eindpunt van een proces, maar juist het begin van een nieuwe gezamenlijke beweging richting een sociaal en toekomstbestendig Ouder-Amstel.
Bron: gemeente Ouder-Amstel, Marieke van Veen, afdeling communicatie
Foto: pixabay
